SJTUB a public art project

sjtub project (2010—ongoing)

about, contact,


KAALSLAG / ERASURE
KAALSLAG / ERASURE
KAALSLAG / ERASURE
KAALSLAG / ERASURE
KAALSLAG / ERASURE
KAALSLAG / ERASURE
KAALSLAG / ERASURE

KAALSLAG van cmunz artists, 6 projections (4x 400x225cm, 2x 400x300cm) was voort eerst in de installatie op parade brunssum in 2012 vertoont (sjtub-manifestatie). - kaalslag_center_2x (loop, 4:3, 8', met geluid), de projectie 2 keer in de midden van het ruimte met een afstand van ca 1meter, zodat de mensen er doorheen kunnen lopen - sprengvoorbereidingen (loop,16:9, 35'39'', still) aan een muur, paralell bij kaalslag - mijnmoods (loop, 16:9, 21', still), an de muur tegenover sprengvoorbereidingen - liveprojectie van de mijnwerkertent op de 2 resterende muren - het geluid komt van de projectie kaalslag, de anderen zijn zonder geluid

/// ///

TOESPRAAK frans geraedts, cmunz artists

Ze domineerden de hemellijn met schachten, koeltorens, schoorstenen, steenenkolenbergen. Ze overstemden het geluidschap met klappende wagons, ratelende en schuivende stenen en kolen en het vierentwintig uur geknars en gebrom en gepiep van machines. Ze koloniseerden de geurwereld met het steenstof, de kolenstof, dur schlam en de as. Ze bezetten de verbeelding ondergronds.

12 mijnzetels, 12 reusachtige industriele complexen, dichtopeengepakt in een laag heuvellandschap.

We hebben er geen steen van laten staan.

Na de mijnsluiting heeft er zich in de oostelijke mijnstreek een kaalslag voltrokken.

Twelve coalmining complexes sat upon this land- and cityscape as a brotherhood of giants. When the mining stopped we killed them off without mercy, we erased, we eradicated, we rased every last building, every wall, every tower, every chimney, to the ground. Even the coalwastemountains have been sculpted and camouflaged and carried away.

De paniek heeft er mee te maken. De paniek die zich van de hele streek meester maakte toen duidelijk werd dat er hier van de mijnindustrie niets meer over zou blijven. Het oude wegvagen om plaats te maken voor het nieuwe, was een bezweringsritueel om de toekomst veilig te stellen, de toekomst dichterbij te dwingen.

Weerzin speelde mee. We mogen niet vergeten dat de overkoepelende ambitie van de vaders was dat de zonen niet in de mijnen zouden gaan werken, niet zouden afdalen, in de drek, het donker, de hitte en dur sjtub. Woede zocht zich een weg. Woede op de industrie die ons zo plotsklaps in de steek liet.

Maar de belangrijkste reden voor de kaalslag, voor de beslissing de mijngebouwen en mijnmachines in hun totaliteit met de grond gelijk te maken, was ongetwijfeld onnadenkendheid. Wij hebben er niet goed over nagedacht.

Stelt u zich eens voor hoe het zou zijn, hoe het geweest zou zijn, als we hadden besloten om op ieder van de twaalf mijnterreinen het mooiste, interessantste, spannendste gebouw te laten staan.

De fatale diemensie van de kaalslag was mentaal.

De passieve agressie die hier sinds de mijnsluiting de persoonlijkheden van binnenuit aanvreet, heeft meer dan een oorzaak. De reele machteloosheid ten overstaan van een grootschalige economische structuurverandering droeg er toe bij, de extreme afhankelijkheid van de overheid waarin men terecht kwam, deed dat ook, maar ik geloof steeds meer dat doorslaggevend voor de misvorming van onze ziel is geweest dat wij het mijnverleden geen waardige plaats in onze identiteit hebben weten te geven.

De kaalslag ontnam ons de publieke objecten die het mogelijk zouden hebben gemaakt gezamenlijk het mijnverleden te herinneren te rouwen en te vieren. Nog verstrekkender waren de gevolgen van de afbraak als symbolische handeling. De genadeloze sloop ontneemt met terugwerkende kracht aan het werk in de mijnen zijn waarde. Door de snelheid en de compleetheid en het fanatisme van de afbraak is het alsof men zich er voor schaamt, alsof het uit de geschiedenis moet worden weggewist, alsof het mijnwerk er eigenlijk niet had mogen zijn.

Vanaf het begin, vanaf het begin van de sluiting en de sloop, tekenen de mensen van de streek, tekenen de burgers van de oostelijke mijnstad verzet aan tegen de devaluatie van het werk in de mijnen. Ze doen dat door voorwerpen te bewaren die met het mijnwerk van henzelf, van hun vader en grootvader te maken hebben. De mensen zijn dat blijven doen, tot in de derde generatie. Tegenover de openbare kaalslag stond en staat de private koestering.

Het publieke kunstproject Sjtub sluit aan bij dat verzamelende verzet. De mijnvoorwerpen die door de families in de oostelijke mijnstreek worden bewaard, zullen de hoofdrol spelen in al de Sjtubmanifestaties. Zij zijn het materiaal voor de performances, de installaties, de vertoningen.

By restoring the dignity of our coalmining past, we will restore the dignity of our selves.

Sjtub heelt.

archiv materiaal rijkheydt heerlen, copyright by cmunz artists, cm@cmunz.org

KAALSLAG / ERASURE

2012, july

MANIFESTATION # 5

KAALSLAG van cmunz artists, 6 projections (4x 400x225cm, 2x 400x300cm) was voort eerst in de installatie op parade brunssum in 2012 vertoont (sjtub-manifestatie). - kaalslag_center_2x (loop, 4:3, 8', met geluid), de projectie 2 keer in de midden van het ruimte met een afstand van ca 1meter, zodat de mensen er doorheen kunnen lopen - sprengvoorbereidingen (loop,16:9, 35'39'', still) aan een muur, paralell bij kaalslag - mijnmoods (loop, 16:9, 21', still), an de muur tegenover sprengvoorbereidingen - liveprojectie van de mijnwerkertent op de 2 resterende muren - het geluid komt van de projectie kaalslag, de anderen zijn zonder geluid

/// ///

TOESPRAAK frans geraedts, cmunz artists

Ze domineerden de hemellijn met schachten, koeltorens, schoorstenen, steenenkolenbergen. Ze overstemden het geluidschap met klappende wagons, ratelende en schuivende stenen en kolen en het vierentwintig uur geknars en gebrom en gepiep van machines. Ze koloniseerden de geurwereld met het steenstof, de kolenstof, dur schlam en de as. Ze bezetten de verbeelding ondergronds.

12 mijnzetels, 12 reusachtige industriele complexen, dichtopeengepakt in een laag heuvellandschap.

We hebben er geen steen van laten staan.

Na de mijnsluiting heeft er zich in de oostelijke mijnstreek een kaalslag voltrokken.

Twelve coalmining complexes sat upon this land- and cityscape as a brotherhood of giants. When the mining stopped we killed them off without mercy, we erased, we eradicated, we rased every last building, every wall, every tower, every chimney, to the ground. Even the coalwastemountains have been sculpted and camouflaged and carried away.

De paniek heeft er mee te maken. De paniek die zich van de hele streek meester maakte toen duidelijk werd dat er hier van de mijnindustrie niets meer over zou blijven. Het oude wegvagen om plaats te maken voor het nieuwe, was een bezweringsritueel om de toekomst veilig te stellen, de toekomst dichterbij te dwingen.

Weerzin speelde mee. We mogen niet vergeten dat de overkoepelende ambitie van de vaders was dat de zonen niet in de mijnen zouden gaan werken, niet zouden afdalen, in de drek, het donker, de hitte en dur sjtub. Woede zocht zich een weg. Woede op de industrie die ons zo plotsklaps in de steek liet.

Maar de belangrijkste reden voor de kaalslag, voor de beslissing de mijngebouwen en mijnmachines in hun totaliteit met de grond gelijk te maken, was ongetwijfeld onnadenkendheid. Wij hebben er niet goed over nagedacht.

Stelt u zich eens voor hoe het zou zijn, hoe het geweest zou zijn, als we hadden besloten om op ieder van de twaalf mijnterreinen het mooiste, interessantste, spannendste gebouw te laten staan.

De fatale diemensie van de kaalslag was mentaal.

De passieve agressie die hier sinds de mijnsluiting de persoonlijkheden van binnenuit aanvreet, heeft meer dan een oorzaak. De reele machteloosheid ten overstaan van een grootschalige economische structuurverandering droeg er toe bij, de extreme afhankelijkheid van de overheid waarin men terecht kwam, deed dat ook, maar ik geloof steeds meer dat doorslaggevend voor de misvorming van onze ziel is geweest dat wij het mijnverleden geen waardige plaats in onze identiteit hebben weten te geven.

De kaalslag ontnam ons de publieke objecten die het mogelijk zouden hebben gemaakt gezamenlijk het mijnverleden te herinneren te rouwen en te vieren. Nog verstrekkender waren de gevolgen van de afbraak als symbolische handeling. De genadeloze sloop ontneemt met terugwerkende kracht aan het werk in de mijnen zijn waarde. Door de snelheid en de compleetheid en het fanatisme van de afbraak is het alsof men zich er voor schaamt, alsof het uit de geschiedenis moet worden weggewist, alsof het mijnwerk er eigenlijk niet had mogen zijn.

Vanaf het begin, vanaf het begin van de sluiting en de sloop, tekenen de mensen van de streek, tekenen de burgers van de oostelijke mijnstad verzet aan tegen de devaluatie van het werk in de mijnen. Ze doen dat door voorwerpen te bewaren die met het mijnwerk van henzelf, van hun vader en grootvader te maken hebben. De mensen zijn dat blijven doen, tot in de derde generatie. Tegenover de openbare kaalslag stond en staat de private koestering.

Het publieke kunstproject Sjtub sluit aan bij dat verzamelende verzet. De mijnvoorwerpen die door de families in de oostelijke mijnstreek worden bewaard, zullen de hoofdrol spelen in al de Sjtubmanifestaties. Zij zijn het materiaal voor de performances, de installaties, de vertoningen.

By restoring the dignity of our coalmining past, we will restore the dignity of our selves.

Sjtub heelt.

archiv materiaal rijkheydt heerlen, copyright by cmunz artists, cm@cmunz.org